Spring onderdelen
Verspringen
Verspringen is een atletiekonderdeel met weinig hulpmiddelen; een aanloop, de afzetbalk en de zandbak. De basisprincipes; loop zo hard als je kan en zet deze snelheid met een explosieve afzet om in een vlucht door de lucht. Verspringers zijn op de atletiekbanen vaak de snelste en meest explosieve atleten. Een combinatie met de sprintonderdelen komt dan ook vaak voor. Met wereldrecords van bijna 9 meter bij de mannen en tegen de 8 meter bij de vrouwen kun je bijna spreken van de vliegende atleten.
Lees meer...
 
Hoogspringen
Er zijn de afgelopen eeuwen veel verschillende technieken gebruikt om over de hoogspringlat te springen; de schaar, voeten eerst, de western role en de straddle. De flop, een sprong waarmee je rugwaarts over de lat springt, werd geïntroduceerd in 1968, tegelijk met de introductie van een landingsmat. Deze techniek wordt eigenlijk sinds 1978 door alle top-hoogspringers gebruikt.
Lees meer...
 
Polsstokspringen
Ook wel het meest acrobatische atletiekonderdeel genoemd. In 1999 is dit onderdeel voor het eerst aan het vrouwenprogramma toegevoegd tijdens de wereldkampioenschappen in Sevilla. Het is daarom niet vreemd dat er bij de vrouwen een flinke progressie te zien is in het wereldrecord over de afgelopen jaren. Bij de mannen is al over een hoogte van zes meter gesprongen; vergelijkbaar met een gebouw van twee verdiepingen.
Lees meer...
 
Hinkstapspringen
Hinkstapspringen lijkt misschien wel wat op het verspringen, toch blijkt het onderdeel vaak zijn eigen specialisten te hebben. Het is en technisch lastig onderdeel dat veel vergt van de kracht, snelheid en coördinatievermogen van een atleet. Zowel de hink, de stap als de sprong kennen een techniek die kort na elkaar zo goed mogelijk moeten worden uitgevoerd.